- home - cv - solo - ensembles - lespraktijk - artikelen - edition /\ agenda - demo's - foto's - links -

Zijn naam is Klein, Jacob Klein...

- Samenvatting - Inleiding - J.H. Klein - Cellotechniek in opus 4 - Tijdgenoten < Aantekeningen > links - Bestellen -

Aantekeningen

Sonata I 1-37-3 = Sonata I deel 1 maat 37 tel 3
vc = violoncello; bc = basso continuo
e-vz3-si2 = e klein octaaf - vingerzetting 3 - snaarindicatie 2 (d-snaar)

Titelblad
in facsimile

VI SONATE

A

VIOLONCELLO SOLO e BAssO CONTINUO

COMPOSTE DA

GIACOMO HERMAN KLEYN

Amatore della Musica

E DEDICATE

All Molto Illustre SIGNORE il SIGNOR

GIOUACHINO RENDORP

OPERA QUARTA

-----

Stampate a Spese

di GERHARDO FEDERICO WITVOGEL

Organista della Chiesa nuova Luterana

A AMSTERDAM

[later toegevoegd: Chez Jean Covens Fils] No. 82

Opdracht facsimile

(vertaling)

Nobiliss[imo] D[omi]no IOACHIMO RENDORPIO,
Amplissimae Dignitatis et Summis Honoribus Conspicui Viri
D[omi]ni PETRI RENDORPII Filio,
S[alutem] P[lurimam] D[ico]
JACOBUS HERMANNUS KLEYN

Ingratissimus mortalium haberer merito, Nobilliss[ime] RENDORPI, si unquam oblivis-
cerer benevolentiae, qua me jam dudum Amplissim[a] Domus Tua fuit amplexa: Nec vi-
deor mihi, posse effugere ingrati animi vitium, nisi publicum aliquod Monumen-
tum exstet, quo etiam alii sciant, quantum Tibi, quantum Ampliss[imo] D[omi]no PARENTI Tuo,
quantumque Universae Tuae Domui debeam. Patere igitur, quum aliud ad manum
non sit majus aut dignius, ut Nobilissimo Nomini Tuo inscribam, et dedicem, Can-
tus hos Sex, ad Violoncellum, quod vocant, unica voce cantandos, quod debeo non
tantum ob singularem beneficentiam, qua Tu et Domus Tua me obstrinxistis, sed
etiam ob commune Musices Studium, in quo tantum profecisti, ut ipse per Te,
digitis artificiosissime in Organo, quod vulgo Clavier audit, eosdem Cantus egregie
valeas exsequi. Spero fore Nobiliss[ime] RENDORPI, ut simul ex hoc meo qualicunque
labore aliquam percepturus sis voluptatem, quam novisti Musices amatores in
artis eximiae exercitatione percipere ingentem, quotiescunque animum in gra-
vioribus studiis fessum hac arte recreare constituisti; simul intelligas meam vo-
luntatem, in agnoscedo, quid debeam Tibi, et Ampliss[imae] Domui Tuae, non vulgarem;
etiamsi probe sciam, quam exigae sint meae ad tantum debitum solven-
dum facultates. Vale, Nobiliss[ime] RENDORPI, et perge me Tuis annumerare.

Amstelaedami

l'On a placé pour les Amateurs, au dessus de quelques notes les
numeros 1.2.3.4. pour designer le premier, second, troisieme, et qua-
trieme Doigt, et pour le Pouce un 0, afin d'indiquer le mouvement
de la main, et dessous le susdits numeros    et  me Corde.

Vertaling [uit het Latijn]:

Aan de zeer eerwaarde Heer Joachim Rendorp,
van een hoogedelachtbare waardigheid en een door de hoogste eerbewijzen in het oog vallende kracht,
aan de Zoon van Heer Pieter Rendorp,
wens ik veel heil.

Jacob Herman Kleyn

De ondankbaarste onder de stervelingen mag ik terecht heten, als ik ooit de welwillendheid van de zeer eerwaarde Rendorp zou vergeten, die mij al zeer lang in uw zeer omvangrijke huis tot steun is geweest. En ik zou mijzelf niet recht in de ogen kunnen kijken, niet de hevigheid van mijn ondankbare geest kunnen ontvluchten, als er niet nog een of ander publiek gedenkteken zou bestaan, waardoor ook anderen zouden weten hoeveel ik u, hoeveel ik aan uw hoogedelachtbare vader, en hoeveel ik aan heel uw huis te danken heb.
Wil daarom openstaan, omdat niets wat ik nu bij de hand heb groter of waardiger is, dat ik voor uw edele naam op schrift stel en aan uw naam opdraag [dan] deze zes stukken voor de violoncello, die als uit één stem zingen wat ik verschuldigd ben, niet zozeer wegens de uitzonderlijke welwillendheid waardoor u zichzelf en uw huis aan mij hebt verplicht, maar ook wegens de gezamenlijke studie van de muziek, waarin u zoveel vooruitgang geboekt heeft, dat U zelf, met de vingers zeer kunstvaardig op het instrument dat doorgaans Clavier heet, deze zelfde stukken voortreffelijk zou kunnen uitvoeren.
Ik hoop, zeer eerwaarde Rendorp, dat U enerzijds uit dit werk van mij genoegen zult ondervinden - welk genoegen U weet dat amateurmusici door oefening in de schone kunsten heel goed tot zich kunnen nemen -, [en] telkens wanneer Uw geest door ernstiger studies vermoeid is door deze kunst zult kunnen ontspannen; anderzijds mijn verlangen opmerkt te erkennen wat ik u en uw zeer omvangrijke huis verschuldigd ben als ik het niet bekend zou maken, zelfs al weet ik goed hoe gering mijn mogelijkheden zijn om een zo grote schuld in te lossen.
Het ga u goed, eerwaarde Rendorp, en blijf mij onder de Uwen rekenen.

Te Amsterdam

[uit het Frans] Voor de Amateurs zijn boven enkele noten de nummers 1. 2. 3. 4. geplaatst om de eerste, tweede, derde en vierde Vinger aan te duiden, en voor de Duim een 0, om de beweging van de hand aan te geven, en onder de bovengenoemde nummers    en  e Snaar.

Sonata I

1-19-2 bc becijfering (kwintsextacc.) hoort op de derde tel.
1-25-1 bc waarschijnlijk meteen G majeur.
3-29-1 bc (sextacc.) moet naar de tweede tel.
3-70-2 bc sextacc. klinkt beter dan secundeacc.
3-71-1 bc moet zijn 5 ipv 6.
3-102 bc 6 en 7 waarschijnlijk omgekeerd.
3-116-2 secundeacc. is beter dan sextacc.

Sonata II

1-15-4 bc sextacc. met verhoogde 6 is zeer ongebruikelijk; secundeaccoord met verhoogde 4 zou hier logischer zijn.
1-22-4 bc correcter zou zijn kwartsextacc. gevolgd door grondligging (5).
1-37-2 vc e-vz3-si2 moet zijn si3.
2-5-2 vc e-vz4-si2 moet zijn si3.
2-11 vierde achtste bc secundeacc. is correcter dan sextacc.
2-23-2 bc 6 5 zou beter zijn (cf. deel 1 maat 22; komt vaker voor).
2-41-3 t/m 2-42-1 bc becijfering is juist, maar d-cis-B in de bas moet fis-e-d zijn, anders ontstaan lelijke octaafparallellen met vc.

Sonata III

1-57-1 bc enharmonische notatie: kwintsextacc. met verhoogde 6 zou juister zijn.
3-51-1 vc cis-vz2 moet zijn vz3.
3-98-1 bc sextacc. op eerste tel is wel consequent, maar niet zo fraai. Grondligging (5) klinkt beter.

Sonata IV

1-14-2 bc septiemacc. hoort op eerste tel.
1-86-3 bc septiemacc. hoort op eerste tel.
1-98-3 bc 6 moet zijn 5
1-109-3 bc kwartsextacc. i.p.v. kwintsextacc.
1-116-1 bc zou kwartsextacc. kunnen zijn.
2-12-3 vc # betekent hier dubbelkruis, want er staat al een kruis aan de sleutel: fis wordt fisis.
2-12-3 bc verhoogde sext is dus ook fisis.
2-24-1 vc idem: fis wordt fisis.
2-24-1 bc idem: verhoogde terts is fisis.
2-28 vc idem: fis wordt fisis; met herstellingsteken niet f maar fis (vgl. eïs in deze maat).
2-28 bc idem: verhoogde kwart is fisis.
3-69-1 vc idem: fis wordt fisis.
3-69-1 bc idem: verhoogde terts is fisis.
3-76-1 bc idem: verhoogde terts is fisis.
3-76-4 bc idem: fis wordt fisis.

Sonata V

1-109-1 bc x (verhoogde terts) ontbreekt.
2-3-3 bc 6 vervalt (blijft 7).
2-6-3 bc kwintsextacc. moet al op de tweede tel.
2-25-1 vc tweede a': moet zijn halve noot in plaats van gepuncteerde kwartnoot.
3-80 bc becijfering klopt niet, moet zijn: 5 - 5 mineur - 5 majeur.
3-123-1 vc f moet zijn a.

Sonata VI

1-101-2 vc as moet zijn a (vgl. becijfering basso continuo).
2-23v bc sextacc. boven opmaat-achtsten (kwartsprong) kan wel, maar de meesten zouden hier grondligging (5) noteren.
3-31-10 vc d-vz1 moet zijn 3-31-7 Bes-vz1.
3-56-4 bc kwint van dit accoord moet zijn a.
3-56-7 vc voorslag as' moet zijn a'.
3-57-1 vc voorslag f' moet zijn fis'.
3-61-10 vc d-vz4 moet zijn 3-61-11 bes-vz4.

 

Literatuur

Amsterdam, Prinsengracht 506: In questa casa / trascorse la vita operosa e morì / il grande compositore e violinista / Pietro Antonio Locatelli / La città natale / Nel bicentenario della morte / Bergamo 3.IX.1695 - Amsterdam 30.III.1764
Jean-Baptiste Bréval: Traité du Violoncelle Opus 42, Paris zonder jaartal (ca. 1804).
Charles (Karel) Burney: Dagboek van zijne, onlangs gedaane, musicale Reizen door Frankrijk, Italië en Duitschland. Als tot een verlustigend, laatste Geschenk aan Nederlands waare Musiekvrienden, vertaald en opgeluisterd door Jacob Wilhelm Lustig, Groningen 1786, pg. 240 & 246.
Michel Corrette: Méthode, théorique et pratique. Pour Apprendre en peu de tems le Violoncelle dans sa perfection. Paris 1741.
François Cupis (le jeune): Méthode nouvelle et raisonnée pour apprendre à jouer du Violoncelle, Paris zonder jaartal (ca. 1768).
Anik Devriès: Édition et commerce de la musique gravée à Paris dans la première moitié du XVIIIe siècle: les Boivin, les Leclerc.. Genève 1976.
Albert Dunning: De Muziekuitgever Gerhard Fredrik Witvogel en zijn fonds. Een bijdrage tot de geschiedenis van de Nederlandse muziekuitgeverij in de achttiende eeuw; Utrecht, Oosthoek, 1966 (Muziekhistorische Monografieën, Vol. II: Vereniging voor Nederlandse Muziekgeschiedenis).
Jean Louis Duport: Essai sur le doigté du Violoncelle et sur la conduite de l'archet, dédié aux Professeurs de Violoncelle, Paris zonder jaartal (ca. 1806-1819).
F.J. Fétis (Brussels Conservatorium): Biographie universelle des musiciens - Tôme cinquième, Paris 1870. Over J. Klein: "KLEIN (Jacques), musicien hollandais, appelé, dans le catalogue de Le Cène, Jacques Klein le Jeune, a fait graver à Amsterdam, vers 1750, trois livres de Sonates pour le violoncelle, et douze Sonates pour hautbois et basse continue, op. 1 et 2." Zoals uit andere bronnen blijkt is deze informatie nogal onnauwkeurig.
Antoine Forqueray: Pieces de Viole avec la Basse Continue (...) Livre Ier, Paris 1747.
Gemeentearchief Amsterdam: geboorte-, huwelijks- en overlijdensacten.
Caix d'Hervelois: Troisième Œuvre contenant Quatre Suites de Pieces pour la Viole, avec la Basse chifrée en partition, Paris 1731.
Caix d'Hervelois: Ve Livre de Pieces de Viole contenant Trois Suites et deux Sonates (...), Paris 1748.
Jacobus Kok: Vaderlandsch Woordenboek - vier-en-twintigste deel (...), Johannes Allart, Amsterdam 1791. pg. 158vv.
Fr. Lesure: Bibliographie des éditions musicales publiées par Estienne Roger et Michel-Charles Le Cène (Amsterdam 1696-1743), Paris, Société française de musicologie, 1968.
Marin Marais: Gambawerken boek IV en V.
Karl Marx: Die Entwicklung des Violoncells und seiner Spieltechnik bis J.L. Duport (1520-1820), Regensburg 1963.
Red. Molhuysen & Kossmann: Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek - deel 10; Sijthoff, Leiden 1937. pg. 799v.
Jean-Marie Raoul: Méthode de Violoncelle, Paris ca. 1797.
Bernhard Romberg: Méthode pour le Violoncelle, Berlijn 1840.
Joseph Bonaventure Tillière: Méthode pour le violoncelle, Paris zonder jaartal (1764).
Johann Gottfried Walther: Musicalisches Lexicon Oder Musicalische Bibliothek, Leipzig 1732.

 

- Samenvatting - Inleiding - J.H. Klein - Cellotechniek in opus 4 - Tijdgenoten < Aantekeningen > links - Bestellen -

Zijn naam is Klein, Jacob Klein...

- home - cv - solo - ensembles - lespraktijk - artikelen - edition /\ agenda - programma's - demo's - foto's - links -